STL

Technische gegevens

Oplegging
De oplegvlakken dienen in een aardvochtig speciebed te worden gelegd. De minimale opleglengte dient 100 mm per zijde te bedragen.
Tijdens het metselen dient de latei om de meter ondersteund te worden, dit om rotatie te voorkomen. Dit mag de verticale doorbuiging niet remmen en geen opwaartse druk veroorzaken. De ondersteuning verwijderen nadat het metselwerk volledig of over een hoogte gelijk aan de dagmaat is uitgehard.

Details
detail


Verwerking
  • Bij overspanningen groter dan 3000 mm over de totale lengte van de latei dpc-folie aanbrengen aan de binnenzijde van het verticale en horizontale deel (tussen buitenblad en latei).
  • Op circa 35 en 60 cm boven het horizontale deel van de latei extra spouwankers ∅ 4 zonder afdruipknik h.o.h. 50 cm aanbrengen, naast de normale spouwankers conform NEN 6790 / NPR 6791.
Het metselwerk dient tegen het verticale deel van de latei zo goed mogelijk aan te liggen. Eventuele ruimte tussen metselwerk en latei vullen met specie.

Metselwerk dient zonder voeg, dus koud op de latei, te worden toegepast. Het maken van dilataties bij de lateien dient altijd in overleg met Nehobo Beton & Staal B.V. te geschieden.

In halfsteenswanden zonder spouwankers zijn dilataties in de nabijheid van de lateien niet toegestaan. In overleg met Nehobo Beton & Staal B.V. dienen alternatieve oplossingen te worden vastgesteld.
verwerking